L. Boot, LT, HI Hoofdf}. Wanket verlies derburg. regt.x$
Art. 25. “Door den burgerliken dood verliest de veroordeelde den eigendom van alle goederen, die hi bezat; zijne nalatenfchap is verkrijgbaar voor zijne erfgenamen, op welke zijne goederen als dan op dezelfde wijze verval- en, als of hij natuurlÿk en zonder testament geftorven Was.
Hij kan geene nalatenfchap meer aanvaarden, noch
onder dien titel de goederen, door hem bij vervolg te rerkrijgen, overdragen. Ÿ Hi kan noch DRE zÿne goederen befchikken, gehcel of gedeeltelÿk, het zï bij gifte onder de levenden, het zij bij testament, noch ook onder dien titel iets ont- vangen., ten ziÿ alleen tot noodzakelik onderhoud,
Hÿ kan niet benoemd worden rot voogd, noch de werkzaamheden, tot eene voogdifchap betrekking heb- bende, mede helpen verrigten.
Hiÿ kan bij geene folemnele of authentieke acte getui- ge zijn, noch toegelaten worden om in regten getuigee nis te seven.
Hij kan in regten niet verfchijnen, noch als verweer- der, noch als eïfcher, dan op den naam en onder het beftier van eenen bijzondéren curator, daar toe te benoe- men door de regtbank, voor welke de zaak gebragt is.:
Hij is onbevoegd een huwelÿk aan te gaan, het welk cenig burgerliÿk gevolg heeft. É
Het huwelÿk, door hem te voren aangesaan, wordt onthonden, voor zo0 verre alle burgerlÿke gevolgen betreft.
Zine echtgenoote en zine erfsgenamen kunnen, elk voor zoo veel hun-aangaat, alle die regten en daden yitoefenen, waar toe hun zijn natuurlijke dood gereg- tisgd maken zoude.
Art. 26.
De veroordeelingen, na gedane tegenfpraak uitgebragt, veroorzaken den burgerlijken dood niet eerder dan te rekenen van den dag harer executie, het zïj die in de dand, het zÿ flechts in fchijn(4% efigie) heeft plaats
. gehad.
Ait, 97e ji
De veroordeelingen, bjj contumacie uitgebragt, ver- Oorzaken den burgerlijken dood niet eerder dan na ver- loop


