Druckschrift 
Het Boek der Psalmen : nevens de gezangen, bij de Hervormde Kerk van Nederland in Gebruik : door last van de hoog mogende Heeren Staten Gerneraal der vereenigde Nederlanden ; uit drie berijmingen, in het Jaar 1773 gekozen, met de noodige daarin gemaakte veranderingen ; ingerigt overeenkomstig de thans meest gebruikelijke Taal en Spelling / bij de Nederlandsche Bijbel-Compagnie
Entstehung
Einzelbild herunterladen

TAAAAA

FORMULIER VAN HET H. AVONDMAAL.

29

Heer Christus verordend en in-| Christus en den Apostel Paulns gezet heeft, namelijk, tot zijne gedachtenis.

allen, die zich met deze navol­gende ondeugden besmet weten, vermanen: van de tafel des Hee­ren zich te onthouden; en ver­kondigen hun, dat zij geen deel in het Rijk van Christus heb­ben: als daar zijn alle afgoden­dienaars; allen, die verstorvene heiligen, Engelen of andere schepselen aanroepen; allen, die den beelden eere aandoen; alle toovenaars en waarzeggers, die vee of menschen, mitsgaders aan­dere dingen zegenen, en die aan zulke zegeningen geloof ge­ven; alle verachters van God en zijn woord, en van de heilige Sacramenten; alle Godslaster­aars; allen, die tweedragt, sek­ten en muiterij in Kerken en wereldlijke regeringen begeeren aan te rigten; alle meineedigen; allen, die hunnen ouderen en Overheden ongehoorzaam zijn; alle doodslagers, kijvers en die in haat en nijd tegen hunnen naaste leven; alle echtbrekers, hoereerders, dronkaards, die­ven, woekeraars, roovers, spe­lers, gierigaards, en al dege­nen, die een ergerlijk leven lei­den; deze allen, zoo lang zij in zulke ondeugden blijven, zul­len zich van deze spijze( welke Christus alleen voor zijne ge­loovigen verordend heeft) ont­houden, opdat hun gerigt en hunne verdoemenis niet des te zwaarder worde.

Maar dit wordt ons, zeer ge­

liefde Broeders en Zusters in den Heer! niet voorgehouden, om de verslagene harten der ge­loovigen kleinmoedig te maken, als of niemand tot het Avond­maal des Heeren gaan mogt, dan die zonder eenige zonde ware.

Want wij komen niet tot dit Avondmaal, om daarmede te be­tuigen, dat wij in ons zelven volkomen en regtvaardig zijn; maar in tegendeel, aangezien wij ons leven buiten ons zelven in Jezus Christus zoeken, zoo bekennen wij daarmede, dat wij mid­

De waarachtige beproeving van ons zelven bestaat in deze drie stukken:

de toorn

Ten eerste, bedenke een iege­lijk bij zich zelven zijne zonden en vervlocking, opdat hij zich zelven mishage, en zich voor God verootmoedige: aangezien van God tegen de zonde zoo groot is, dat Hij die( eer Hij dezelve ongestraft liet blijven) aan zijnen lieven Zoon Jezus Christus, met den bitteren en smadelijken dood des kruises gestraft heeft.

Ten andere, onderzoeke een iegelijk zijn hart, of hij ook deze gewisse belofte van God gelooft, dat hem al zijne zon­den, alleen om het lijden en sterven van Jezus Christus; vergeven zijn; en de volkome­ne geregtigheid van Christus hem als zijne eigene toegere­en geschonken zij; ja zoo volkomen, als of hij zelf in eigen persoon, voor al zij­ne zonden betaald, en alle ge­regtigheid volbragt had.

kend

Ten derde, onderzoeke een iegelijk zijn geweten, of hij ook gezind is, voortaan met zijn gan­sche leven, waarachtige dank­baarheid jegens God, den Heer te bewijzen, en voor Gods aan­gezigt opregt te wandelen: ins­gelijks, of hij zonder eenige geveinsdheid, alle vijandschap, haat en nijd van harte afleg­gende, een naarstig voornemen heeft, om van nu voortaan in waarachtige liefde en eenigheid met zijnen naaste te leven.

Allen, die dan alzoo gezind zijn, wil God gewisselijk in ge­nade

aannemen, en voor waar­dige medegenooten van de tafel zijns Zoons Jezus Christus hou­den. Daarentegen die deze ge­tuigenis in hunne harten niet gevoelen, die eten en drinken zich zelven een oordeel. Waarom wij ook, naar het bevel van