Druckschrift 
Het Boek der Psalmen : nevens de gezangen, bij de Hervormde Kerk van Nederland in Gebruik : door last van de hoog mogende Heeren Staten Gerneraal der vereenigde Nederlanden ; uit drie berijmingen, in het Jaar 1773 gekozen, met de noodige daarin gemaakte veranderingen ; ingerigt overeenkomstig de thans meest gebruikelijke Taal en Spelling / bij de Nederlandsche Bijbel-Compagnie
Entstehung
Einzelbild herunterladen

AVIVAAHVAT

28

zijnen, waarvan hij vader( moe­der) of getuige is, in de voor­zeide leer naar uw vermogen te onderwijzen, of te doen en te helpen onderwijzen?

FORMULIER VAN DEN H. DOOP.

Antw. Ja wij.

Daarna in het doopen spreekt de Dienaar des goddelijken woords aldus:

N, IK DOOP U IN DEN NAAM DES VADERS, EN DES ZOONS, EN DES HEILIGEN GEESTES.

Dankzegging.

Almagtige, barmhartige God en Vader! wij danken en loven U, dat Gij ons en onze kinderen, door het bloed van uwen lieven Zoon Jezus Christus, al onze zonden vergeven, en ons door uwen Heiligen Geest tot lidma­ten van uwen eeniggeboren' Zoon, en alzoo tot uwe kinde­ren aangenomen hebt, en ons hetzelve met den heiligen Doop verzegelt en bekrachtigt. Wij bidden U ook, door denzelven uwen lieven Zoon, dat Gij deze gedoopte kinderen met uwen Heiligen Geest altijd wilt rege­ren, opdat zij Christelijk en god­zalig opgevoed worden, en in den Heer Jezus Christus wassen en toenemen, opdat zij uwe Va­derlijke goedheid en barmhar­tigheid, die Gij hun en ons allen bewezen hebt, mogen beken­en in alle geregtigheid, onder onzen eenigen Leeraar Koning en Hoogepriester, Chris­tus Jezus, leven, en vromelijk tegen de zonde, den duivel en zijn gansche rijk strijden en overwinnen mogen, om U, en

nen,

uwen

Zoon Jezus Christus, mitsgaders den Heiligen Geest, den eenigen en waarachtigen God, eeuwig te loven en te prijzen. Amen.

FORMULIER,

om het heilige Avondmaal te houden.

Geliefden in den Heer Jezus Christus! hoort aan de woorden van de inzetting van het heilige Avondmaal van onzen Heer Je­zus Christus, welke ons be­schrijft de heilige Apostel Pau­lus, 1 Kor. XXI: 23-29.

Want ik heb van den Heer ontvangen, hetgeen ik ook u overgegeven heb, dat de Heer Jezus in den nacht, in wel­ken hij verraden werd, het brood nam: en als i gedankt had, brak hij het, en zeide: neemt, eet, dat is mijn lig­chaam, hetwelk voor u ge­broken wordt: doet dat tot mijne gedachtenis! Desgelijks [ nam] hij ook den drinkbeker na het eten des Avondmaals, en zeide: deze drinkbeker is het Nieuwe Testament in mijn blocd: doet dat, zoo dikwijls als gij[ dien] zult drinken, tot mijne gedachtenis! Want zoo dikwijls als gij dit brood zult eten, en dezen drinkbe­ker zult drinken, zoo verkon­digt den dood des Heeren, tot dat hij komt! Zoo dan, wie onwaardig dit brood eet, of den drinkbeker des Heeren drinkt, die zal schuldig zijn aan het ligchaam en bloed des Heeren. Maar de mensch be proeve zich zelven, en ete at zoo van het brood, en drinke van den drinkbeker: want die onwaardig eet en drinkt die eet en drinkt zich zelven een oordeel, niet onderschei dende het ligchaam des Hee­ren.

Opdat wij nu tot onzen troost des Heeren Avondmaal mogen houden, is vóór alle dingen noo­dig; eerstelijk, dat wij ons te voren regt beproeven; ten an dere, dat wij het tot dat ein­de rigten, waar toe het de

Heer