C ze)
waarna de daartoe* geft:"de autoriteit, de wederzijdfche belarr gen onderzocht en overwogen hebbende, over de wettigheid der bijgebragte redenen beflist. Art, 195. d
In de beoordeeling van de wettigheid der redenen, zoo door ouders als voogden bijgebragt, en, naar vereisch der gevallen en omftandigheden, aan de daartoe geftelde autoriteit overgela- ten, is dezelve verpligt zulke redenen toetelaten, welke hem in gemoede voorkomen van dat gewigt tel zijn, dat de geen,
die de toeftemming behoeft, door zoodanige huwelijksverbind=
tenis, zich oogenfchijnlijk in zijn verderf ftorten zoude, Art. 106,
De verloofde perfonen in ondertrouw zijnde aangenomen, moeten daarvan drie openbare afkondigingen worden gedaan, telkens met een tusfchen-verloop ten minften van zes dagen.
: Art. 197.
Die tijd kan echter om dringende redenen, die geen uitftel toelaten, verkort worden door den Koning, of door de plaatfes lijke autoriteit, hier voor vermeld,
Art. 128,
Deze afkondigingen moeten gedaan worden op de woonplaat-
fen der in ondertrouw aangenomene perfonen, als mede daar zij het laatfte jaar gewoond hebben. _ Art. 129,
Indien het huwelijk niet voltrokken is binnen een jäar na de laatfte of derde afkondiging, kan hetzelve naderhand niet vol- trokken worden, ten ware’er op nieuw drie afkondigingen, in voege voormeld, gefchieden.
Art. 130,
Wanneer de afkondigingen op alle plaatfen, waar dezelve gedaan moeten worden, onverhinderd zijn afgeloopen, en daar van bij fchriftelijk bewijs blijkt, zullen de verloofden, ter plaat- fe waar zij, of één van hen, woonachtig zijn„bij de daartoe be= voegde plaatfelijke autoriteit in den huwelijken{taat bevestigd worden, Art. r3t.
Met het verrigten van deze trouw wordt het huwelijk voor wettig voltrokken gehouden.
Art. 132.
Een der verloofden, na het eindigen dier afkondigingen; onwillig zijnde om zich te laten trouwen, zal de daartoe bevoegde plaatfelijke autoriteit, op aanzoek of aanklagte van eene der partijen, naar de redenen van die onwilligheid onderzoek doen, en, dezelve bedenkelijk vindende, partijen naar den gewonen weg van regten verwijzen, of, dezelve blijkbaar ongegrond ee
Ges
delend
zroord
‚Hol | ik Joel vooal? „md zen van?
Di jn het 4 lijks ge aar} woon
Ki verval dere, ten, ber vol Foanenò
Oude iden Aten) gevol,
Yoo: zen den dagen,
Dem _fonrenh aanfhan zoude.


