zo{. Boek, Zl. Titel, W. Hoofdfuk.
Art. go.
Er zal bij ieder leger-corps gehouden worden een regis= ter voor de acten van den burgerlijken{tand betrekkelijk de perfonen tot dat corps behoorende; en een ander regis- ter bij den ftaf van het leger, of van een gedeelte van het zelve, voor de burgerlijke acten, betrekkelijk de officieren zonder troepes, en de bedienden van het leger, Deze re- gisters zullen op dezelfde wijze bewaard worden als de an- dere registers der corpfeu en van den ftaf, en vervolgens overgebragt worden bij de archieven van oorlog, wanneer de corpfen of het leger op het. grondgebied van het Kei- zerrijk zullen zIjn te rug gekomen.
Art. or.
De registers zullen geteekend en geparapheerd zijn in ie- der corps door den kommanderenden officier, en bij den ftaf door den chef van den generalen(laf.
Art. ga,
De verklaringen van geboorte bij het leger, zullen binnen
tien dagen na de verlosfing opgemaakt worden. Art. 93.
De officier, belast met het houden van het register van den burgerlijken ftand, is verpligt om binnen tien dagen, na de infchrijving der acte van geboorte in het gemelde regis- ter, daar van een extract te leveren aan den ambtenaar van den burgerlijken ftand, op de laatfte woonplaats van den va- der van het kind, of wel van de moeder, zoo de vader enbekend is.
Art. 94. _ De afkondigingen van huwelijken van militairen„ en, bediene den die het leger wolgen, zullen gefchieden op de plaats van derzelver laatfte woonftede 3 zij zullen buitendien vijf en twintig dagen voor de voltrekking van het huwelijk geplaatst worden, wat de perfonen aangaat die tot het corps behooren, bij de order van den dag van hetzelve corps, En wat aangaat de ofkcieren zonder troepes, en de bedienden die daar van een gedeelte uitmaken, bij de order van den dag van het legers of van een corps van het zelve.
Art. 95.
Dadelijk na de registratie der acte van huwelijks voltrek- king, zal de officier, belast met het houden van het register„ daar van een affchrift zenden aan den ambtenaar van den burgerlijken ftand, op de laarfte woonplaats der echtgenoo- ien.
Art. 96,


