Teil eines Werkes 
Article 1582-2281
Entstehung
Seite
146
Einzelbild herunterladen

146 REGISTER or-.ueT

geeischte Zaak, 1369. Geval, waar in de fchulde eifcher de infchrijving van het hijpotheek niet kan vor. deren, dan ten beloope vanjeene begroote waarde, 2132,

WaaArDEERING. In welk geval dezelve plaatsheeft, 573. De kooper van eene zaak, welke gedeeltelijk is vergaan, kan de vernietiging vorderen van het overgeblevene ge. deelte, 1601. Men gaat tot de waardeering over, wanneer de kooper van cen gedeelte geëvinceerd zijnde, het overise behoudt, 1637. Zij heeft plaats, in ge- val van sanmerkelijke gebreken aan eene z2ak, welke de kooper wil houden, 1644; en om de afzonderlij- ke prijs van verfchillende onroerende goederen, in éénen verkoop begrepen, te bepalen, 211 en 2192.

WaarNEmING. Stilzwijgende verbindtenisfen, welke die geen aangran. die eens anders zaak Waarneemt, 1372 e# yolg. Zie Poogdij.

WaLLEN. Zie Vestingen, Poorten.

Warenen. Het dragen van de wapenen tegen het vatler. land, doet de betrekking als Franschman verliezen, 21. De wapenen Züÿn niet begrepen onder de fpreekwijze van roerende goederen, 533. Zie 15p°4.

Warer. De lagerligsende gronden zijn verpligt, om het - water te ontvangen, het welk van de hooger liggende erven natuurliÿjk afloopt, 640. Aan wie het sebruik

. tockomt van eene waterbron, welke op een erf gevon- den wordt, 641. Bepalingen omtrent het gebruik van het water, 644 en volg. Hoe de daken moe- ten gemaakt zÿn tot den afloop van het regenwater, 681. De waterloopen, en het regt om het zelve te putten, behooren tot de altijd voortdurende diensthaar- heden, 638.- Dit laatfte bevat ook het regt van overgang of uitwes, 696. Zie Bron.

WaTERLEIDING. Zie Seryituren.

Warerzoop. Zie Drop, Water.

WarerpuT. Afftand,.welke men moet in acht nemen, om eenen waterput in de nabijheid van eenen fcheics- muur te läten graven, 674. Dedienstbaarheid om

water te putten, heeft het regt van overgang of uitweg ten gevolge, 688 en 696. Zie Schoonhouding.

Weppincscnar. Men heeft geené actie tot betaling van eene weddingfchap, 1965. È V£DER- BELEGGING. De echtgenoot, die eigenaar was van een onroerend goed, waar van de prijs of waarde in de gemeenfchap is ingekomen, zonder dat dit geld weder-

om belegd is, kan Wet zelve eerst uit de geméenfchap ne-

Y