* i Um he MULTI A
| aa,
\
© +
III Boeck, V. Tir, LIL, Hoofaf, Van huwelijksgoed. 97
Om onderhoud aan de bloedverwanten te verfchaffen.,
än de gevallen bij Art. 203, 205 en 206, in den Titel
van het huwelijk, bepaald; Om. de fchulden te betalen van de vrouw, of van die
“genen, Welke het huwélijksæoed heébben daargéfteld, tvan- ‘meer, die fchuldin‘éene Zékere dagteckening‘hébben,"wel- ke vroeger is Uan het huwelijks contract;
Om groote en onvermüdelifke reparatiën te doen,‘tot behoud van een onroerend huwelïksgoed;
Eindelÿk, wanneer‘dit tontocrend goed, in eene on-
_verdeelde.gemeenfchap met derden, bezeten wordt, en ‘hetzelve bewezen wordt onverdeelbaar te zÿn.
In alle deze gevallen Zzal het overfchot van den koop- pris het welk trot de gemélde éinden niet beéhoëft ge- bruikt te worden, blijven onder het huwclikssgoed,‘en als zoodanig ten voordeele van de vrouw-bekegd wor-
den.
Art. 1559.
Een onroerend huwelÿükssoed kan verruild worden, doch alleenlijk met toellemming van de vrouw, voor
«een ander onfoerend goed, ten minfle voor wier vifde
gedeelren van‘dezelide waarde Zïjndes, mits-de-nuttig- heid van die ruiling bewezen worde, en mits daar toe
“autorifatié Van den rester Vérkregen Woïrde, en na cene
+} à f begrooting door deskundigen,-ambtshalve‘door de regt- bank benoemd.
In dit geval zal het onroerend goed, dat in ruiling
ontvangen is, huwelijkscoed zijn; het meerdere gedeelte
van den pris, zoo er dat is, zalamede onder het hu-
welijksgoed begrepen zïn, en.als zoodanig ten.voordee- le van de vrouw belegd worden.:
Art. 1560.
Indien, buiten de uitgezonderde gevallen, zoo even opgenoemd, de vrouw of de man, of ook beiden te
zamen, het onrocrend huwelïksgoed vervreemden, Kkun-:
nen de vrouw of hare erfgeriamen, na de ontbinding van het huwclijk, die vervreemding doen herroepen, zonder dat men hun eenige verjaring, gedurende het +++ DCE=. EU


