IVIVANS
AVIVA
AVAN
MIXINAHAN
18 CATECHISMUS. ZONDAG 48, 49, 50, 51, 52. weld, hetwelk zich tegen U| ook de boosheid, die ons altijd verheft, mitsgaders alle booze aanhangt, om het bloed van raadslagen, die tegen uw heilig Christus niet toerekenen, alzoo woord bedacht worden, tot dat wij ook de getuigenis uwer gede volkomenheid uws Rijks toe- nade in ons bevinden, dat ons waar in Gij alles zult gansche voornemen is, aan onze naasten van harte te vergeven. De 52. Zondag. 127. Vr. Welk is de zesde bede?
kome, zijn in allen.
De 49. Zondag.
124. Vr. Welk is de derde bede?
Antw. Uw wil geschiede op aarde, gelijk in den hemel; dat is, geef, dat wij en alle menschen onzeu eigenen wil verzaken, en uwen wil, die alleen goed is, zonder eenig tegenspreken gehoorzaam zijn; opdat alzoo een iegelijk zijn ambt en beroep zoo gewillig en getrouw moge bedienen en uitvoeren, ais de Engelen in den
hemel doen.
IN
Antw. En leid ons niet in
verzoeking, maar verlos ons van den booze; dat is, dewijl wij van ons zelven zoo zwak kunnen bestaan, en daartoe onzijn, dat wij niet een oogenblik ze doodvijanden, de duivel, de wereld en ons eigen vleesch niet ophouden ons aan te vechten: wil ons toch behoeden en sterken door de kracht uws Heiligen Geestes, opdat wij in dezen geestelijken strijd niet onderliggen, maar altijd sterken wederstand doen, tot dat wij eindelijk te eenemaal de overhand behouden.
De 50. Zondag.
125, Vr. Welk is de vierde
bede?
128. Vr. Hoe besluit gij uw gebed?
Antw. Geef ons heden ons dagelijks brood; dat is, wil ons met alle nooddruft des ligchaams verzorgen, opdat wij daardoor bekennen, dat Gij de eenige oorsprong van alle goed zijt, en dat noch onze zorg, noch arbeid, noch uwe gaven,
Antw. Want uw is het Koningrijk, en de kracht, en de heerlijkheid, in de eeuwigheid; dat is, zulks alles bidden wij van U, daarom, dat Gij, als
onze Koning en aller dingen zonder uwen zegen, ons gedijën magtig, den wil en het vermoen dat wij derhalve ons ver- gen hebt, om ons alles goeds te trouwen van alle schepselen af- geven, en dat alles, opdat daar trekken, en op U alleen stellen.
De 51. Zondag.
126. Vr. Welk is de vijfde bede?
door niet wij, maar uw heilige naam eeuwig geprezen worde. 129. Vr. Wat beduidt het woord, Amen. Antw. Amen is te zeggen; het zal waar en zeker zijn, want mijn gebed veel zekerder van God verhoord is, dan ik in mijn hart gevoel, dat ik zulks van Hem begeer.
Antw. En vergeef ons onze schulden, gelijk ook wij vergeven aan onze schuldenaren; dat is, wil aan ons, arme zondaren, al onze misdaden, en
CHRIS


