En,
Terwijl zijn 00g naar straf noch oordeel ziet;
daar hij stout uw hoog gerigte tart,
CAVAVAVA
Blaast hij met smaad op al wie weerstand
biedt,
,, niet,
,, te,
4. Zijn
PSALM 10.
En zegt in zijn gemoed: ,, ik wankel
Terwijl ik van geslachte tot geslach
Op mijnen weg, geen tegenspoeden wach- te."
mond is vol van vloek, bedrog en list;
Zijn tong bedekt de moeit' en' t zielsverdriet;
In
Zijn boosheid is met valschen schijn vernist;
hinderlaag, daar niemands oog hem
Verbergt hij zich, valt ijlings uit, vergiet On
schuldig bloed; hij weet van geen erbarmen,
Maar sluit zijn oog voor' t bitter leed der ar- men. PAUZE.
the by
5. Hij loert, en
ziet,
houdt zich in het donker schuil
Gelijk een leeuw, die in zijn hol zich zet:
E
d' Ellendigen verrast hij uit zijn kuil; Hij heeft
zijn' klaauw en tanden scherp gewet, En trekt
zijn prooi in' t digt
belommerd net;
Hij
21
buigt
UAIAIAIAIAIAIRVAVAVAVAJAJAUKORVAVA


