spoed;
AVA HRVAHAA
PSALMEN.
3. Gansch
mint;
HET BOEK
W
noch op' t pad der zondaars staat; Noch nederzit, daar zulken zamenrotten, Die roekeloos met God en godsdienst spotten; Maar' s HE ER EN wet blijmoedig dag en nacht Herdenkt, bepeinst en ijverig betracht.
2. Want bij zal zijn gelijk een frissche boom, In vetten grond geplant bij eenen stroom, Die op zijn' tijd
met vruchten is beladen, En sierlijk pronkt met onver
welkte bladen; Hij groeit zelfs op in ramp en tegen
wind;
DER
PSALM 1.
elzalig hij, die in der boozen raad Niet wandelt,
Het gaat hem wèl,' t gelukt hem wat hij doet.
anders is' t met hem, die' t kwaad be
Hij is als kaf, dat wegstuift voor den
Geen zondaar zal' t gewis verderf ontkomen 1
Als
AAL
AURVAVA


